Gedragstherapie, wat is dat en voor wie is het?

Vertoont je hond ongewenst gedrag en is dat een probleem voor jezelf, je hond of je omgeving?
Dan kan gedragstherapie helpen.

Je kunt gedragstherapie bijvoorbeeld inzetten bij angst voor geluiden en/of kinderen, verlatingsangst, agressie- of controleproblemen, niet alleen thuis kunnen blijven, onzindelijkheid, nervositeit en/of overactiviteit of bij conflicten tussen honden uit hetzelfde gezin.

Je verandert niet het karakter van je hond, maar wel zijn gedrag.

Wacht niet te lang met het inschakelen van deskundige hulp als je een gedragsprobleem bij je hond vermoedt. Hoe sneller je de hond ander, gewenst, gedrag leert, hoe groter de kans op succes.

Voordat een gedragsbegeleider of gedragstherapeut met je hond aan de slag kan, stelt hij eerst een diagnose. Tijdens een consult verzamelt hij daarvoor informatie over het ongewenste gedrag. Hij wil het hoe, wat, wanneer en waarom van het gedrag van je hond weten, maar ook hoe het zich ontwikkeld heeft. Hij maakt daarvoor gebruik van een vragenlijst, gaat met je in gesprek en observeert je hond. Soms maakt hij videobeelden, zodat hij die later rustig kan terugkijken en analyseren. Als hij niet genoeg informatie heeft, zal de gedragstherapeut terughoudend zijn met het geven van tips. Hij heeft dan de diagnose nog niet kunnen stellen.
Zodra de diagnose is gesteld, maak je samen met de gedragstherapeut een plan van aanpak. Daarmee ga je vervolgens aan de slag. Zorg ervoor dat je regelmatig contact hebt met de gedragstherapeut. Zo kan hij je goed begeleiden bij het proces.

LET OP: Gedragstherapie bij honden is geen beschermd beroep. Vraag altijd of degene die je om hulp vraagt kan aantonen dat hij een erkende opleiding tot gedragstherapeut heeft gevolgd. Voor adressen kun je ook terecht bij de vereniging van gedragstherapeuten ‘Alpha’ of de Stichting Platform van Professionele Diergedragsdeskundigen ‘SPPD’ of bij Certipet. (bron. Raad van Beheer)